woensdag 10 februari 2010

Helft nieuwe banen VS naar externen

In het NRC las ik onlangs een artikel over de arbeidsmarkt in Japan. De Japanse arbeidsmarkt is de afgelopen jaren fors geflexibiliseerd. Een derde van de beroepsbevolking heeft geen vast contract. Arbeidsmarktdeskundigen verwachten dat dat percentage verder zal stijgen tot 40 procent van de beroepsbevolking. Het deed me denken aan een uitspraak van Gary Mathiason, topman bij Littler, het grote kantoor op het gebied arbeidsrecht. Hij voorspelde dat wanneer het economisch herstel in de VS zich gaat vertalen naar meer werkgelegenheid (en de recente cijfers wijzen daar al wel op) de helft van de nieuw gecreĆ«erde banen naar ‘externen’ gaat.

De ‘contingent workforce’ noemen ze dat daar: de optelsom van uitzendkrachten, freelancers, consultants, IT-ers, interim-managers, projectleiders en ander personeel dat als zelfstandige, via pay-rolling of als medewerker van een extern bureau wordt ingehuurd.
In beide landen is er nog al wat op de arbeidsmarkt veranderd in de afgelopen 10-15 jaar.
Japan stond lang bekend als het land waar er simpelweg geen werkloosheid was. Althans officieel. Bedrijven hadden de sociale verplichting overtollig personeel in dienst te houden of zelfs te nemen. Na de diepe en lange economische crisis in de jaren negentig werd de arbeidsmarkt radicaal geflexibiliseerd.

Forse groei freelancers in VS

In de VS is de arbeidsmarkt altijd al erg dynamisch geweest. Fire & hire is veel gebruikelijker. Dat maakt ook dat men minder met externen hoefde te werken. De ommekeer kwam met de (vermeende) Millenniumproblematiek. Daarvoor waren veel en vooral tijdelijk expertise nodig. Daarbij werd outsourcing van niet-kernactiviteiten de trend. Opvallend is dat in de VS het aantal freelancers, juist ook op ‘professionals’ niveau, de afgelopen jaren fors gegroeid is. Zo rond de 8% werkt nu als zelfstandige ‘contracter’ en wordt, al dan niet via bureaus, ingehuurd. Deze manier van werken bestond tot vroeger in de VS nauwelijks (uitgezonderd de entertainment-sector). Die trend was al ingezet ruim voor de bankencrisis en heeft dus niets te maken met het gebrek aan vaste banen of de ontslaggolf. Verwacht wordt wel dat op termijn structureel 25% van de arbeidsplaatsen bij Amerikaanse bedrijven door externen ingevuld worden.

Aanpassingen binnen organisaties nodig

Het werken met zo veel externen en op continue basis vergt vanuit organisaties natuurlijk wel een forse inspanning, zowel vanuit inkoop, juridisch, HR en IT oogpunt. De hele industrie rondom het inzetten van tijdelijke professionals en managers groeit in de VS dan ook hard. Denk aan matchingsystemen, internet-sites, bemiddelingsinitiatieven en contractmanagement-systemen. Mocht Nederland op dat terrein al een voorsprong hebben, dan wordt die snel goedgemaakt.

En Nederland?  

Het CBS meldt ondertussen dat het aantal ZZP-ers in Nederland voor het eerst sinds jaren daalt. Hier en daar wordt dat uitgelegd als een keerpunt in de groei van het aantal freelancers. Dat lijkt me geen terechte conclusie. Het begrip ZZP veel te algemeen om daarmee uitspraken te doen over het ondernemerschap in Nederland of de flexibilisering van arbeid op professionals niveau. Belangrijker is de stuwende kracht van zowel de vraagkant (opdrachtgevers) als de aanbodkant (freelancers) veel te groot is. Ongetwijfeld probeert een deel van de interimmers nu te schuilen onder het relatief veilige dak van een arbeidsovereenkomst. Daarmee is er nog geen trendbreuk. Ik denk dat we in veel sectoren binnen afzienbare tijd op dezelfde percentages zitten als in de VS verwacht wordt. Met alle gevolgen voor organisaties van dien. Positieve gevolgen overigens, mits alle aspecten van het werken met veel externen goed gemanaged wordt. 

dinsdag 9 februari 2010

Wat zijn jouw ervaringen met sites voor interimmers? Ben op zoek naar ervaringen voor een artikel.

Ik ben een artikel aan het schrijven over websites die een rol (willen) spelen bij de bemiddeling van interim-managers en interim-professionals. Er komen er steeds meer, maar werken ze ook goed?

Denk aan sites als freelance.nl, flexmanager, associates, ininterim, marktplaats (van UWV), 1001managers, Blue Carpet. Om een paar verschillende soorten initiatieven te noemen; er zijn er nog veel meer. Over deze sites heb ik al regelmatig artikelen geschreven, ook d.m.v. interviews met de initiatiefnemers (zie bijv:http://tinyurl.com/ygv34r7 ).

Ik ben bezig hier een nieuw artikel te schrijven. In dat artikel wil ik graag vooral de ervaringen van gebruikers opnemen. Dus zowel interimmers als opdrachtgevers (rechtstreeks of bureaus) Wat zijn jullie positieve en negatieve ervaringen? Graag meningen en visies. Maak je er gebruik van? Krijg je follow-up op je reacties? Ben je zo wel eens aan opdrachten gekomen? Ben je wel eens zelf benaderd omdat je in de data-base staat? Plaats je er opdrachten. Wat is de kwaliteit en kwantiteit? Zoek je wel eens in databases?

Reacties kan je hieronder kwijt, reageren per mail mag natuurlijk ook:  hugojan.ruts@mnhr.nl. De commentaren kan ik verwerken in mijn artikel (quotes gebruik ik graag, maar alleen na overleg en met je toestemming!). 

maandag 8 februari 2010

Heeft Ken Blanchard zijn eigen reputatie vermoord?

Vijftig tot zeventig procent van alle veranderingsprocessen mislukt. Ergens onderweg word de verandering ‘vermoord’. Maar door wie, en vooral ook waarom? Daarover schreef bestsellerauteur Ken Blanchard de misdaadnovelle ‘Wie heeft Verandering vermoord?’ Een leuk bedachte vorm, die toch een teleurstellend boekje opleverd. 
‘Wie heeft Verandering vermoord?’ van Blanchard c.s. valt in wat we zo langzamerhand wel als een apart genre binnen de managementliteratuur kunnen beschouwen: het is een parabel. Blanchard laat detective Mike McNally onderzoeken wie verantwoordelijk is voor het vermoorden van Verandering.

Dat alles is beschreven in de stijl van een goedkoop misdaadromannetje. De donkere sedan van Mike McNally kwam bijvoorbeeld: ‘met piepende banden tot stilstand voor de deuren van ACME.' Bovendien 'was het een stormachtige avond. Het blauwe zwaailicht op het dak van zijn auto contrasteerde schril met de bliksemschichten.’

Hoewel inspecteur Colombo nooit met piepende banden aan kwam rijden is Blanchardds McNally duidelijk gemodelleerd naar deze legendarische tv-persoonlijkheid uit de jaren zeventig. McNally lijkt wat onnozel,
maar zijn observaties zijn messcherp. Bovendien heeft hij aardig wat ervaring met het onderzoeken van moordzaken op Veranderingen.

Gezien zijn ervaring heeft McNally het rijtje verdachten al snel op orde. Het moet wel een van de volgende personen zijn: Cultuur, Commitment, Initiatief, Veranderings-Leiderschapsteam, Communicatie, Urgentie, Visie, Plan, Budget, Trainer, Incentive, Prestatiemanagementteam of Verantwoordelijkheid.

McNally gaat met iedere verdachte in gesprek. Het beeld over het slachtoffer Verandering, zijn/haar relatie tot hem, zijn/haar aanpak en het alibi passeren de revue. McNally geeft de verdachten meteen commentaar op hetgeen hij van hen hoort en ziet. Elk gesprek vormt steeds een kort hoofdstuk. Blanchard geeft de detective steeds na een paar van dat soort gesprekken de ruimte om zijn gedachten te ordenen, waarmee de lezer een samenvattende reflectie krijgt.

Systematisch onderwerpt McNally de verdachten zo aan een voor een aan een verhoor. De geestig bedoelde stereotypes vliegen de lezer om de oren. Zo heeft Claire Communicatie een gehoorapparaat om te verklaren waarom zij zo slecht luistert en is Barbara Budget een verbeten bitch zonder vrienden. Leuk gevonden, herkenbaar, maar ook erg algemeen.

Aan het einde van het onderzoek gaat McNally ook nog in gesprek met een aantal medewerkers, niet als verdachten, maar voor meer achtergrond informatie. Had ik dat maar eerder gedaan, denkt McNally, want daar hoort hij weer een heel ander verhaal. Meer over de informele lijntjes. Zo leren we dat een manager van ACME de bijnaam ‘Convertible’ heeft: hij doet alles top-down.

Opvallende afwezigen in het boek zijn types als Cora Consultant, Arie Accountant of Iwan de Interim-manager. De externen die toch maar al te vaak rondom Verandering heen krioelen. Blanchard houdt het blijkbaar niet voor mogelijk dat ook zij een (bij)rol kunnen spelen in het vermoorden van Verandering.

De plot van een detective mag je natuurlijk niet verklappen, maar de uitkomst laat zich raden. McNally ontrafelt het mysterie als een echte Colombo ten overstaande van alle verdachten. Hij legt het in de epiloog nog een keer uit. Voor wie de boodschap niet begrepen heeft zet Blanchard in een bijlage alles puntsgewijs en zonder verdere karikaturen onder elkaar.

‘Verandering kan alleen succesvol zijn als de gebruikelijke personen in een organisatie hun unieke talenten combineren en anderen consequent betrekken bij het initiĆ«ren, implementeren en ondersteunen van verandering.’ Zo sluit Blanchard zijn boek af. Dat wist u vast al. Daarin zit ook wel de beperking van het boek. De vorm is leuk bedacht, de uitwerking soms best geestig en herkenbaar. De vorm is echter origineler dan de inhoud. De lezer wordt te weinig geprikkeld, niet op het verkeerde been gezet (misschien is het wel een heldendaad dat Verandering vermoord is…?) De lezer wordt zo niet aan het denken gezet over hoe hij of zij zelf omgaat met Verandering, in welke rol dan ook. Het boek is daarmee een leuke knipoog, maar geen wijze les.